
Alleen de naam roept al beelden op van glinsterende wolkenkrabbers, eindeloze luxe en… airco die je bijna omverblaast zodra je ergens naar binnen loopt. Toch begon deze stad ooit als een bescheiden vissers- en parelduikersdorp. Moeilijk voor te stellen als je nu langs de Burj Khalifa omhoog tuurt en je nek protesteert na vijf seconden.

Wat mij keer op keer fascineert aan Dubai, is die bijna onwerkelijke transformatie. In minder dan twee eeuwen groeide het van een stoffige nederzetting onder leiding van de Al Maktoum-familie uit tot een wereldstad die zichzelf telkens opnieuw lijkt uit te vinden. De ontdekking van olie in 1966 gaf het startschot, maar wat daarna volgde, was geen standaard succesverhaal. Dubai koos niet voor afhankelijkheid, maar voor ambitie. Havens, luchthavens, handel, toerisme—alles werd uit de kast gehaald om de stad op de kaart te zetten.

Ik ben er meerdere keren geweest, zowel voor werk als privé, en elke keer voelde het alsof ik in een levende bouwplaats rondliep. Niet chaotisch, maar doelgericht. Alsof de stad fluistert: wacht maar, dit is nog maar het begin.
Voor een fotograaf is Dubai een speeltuin met uitdagingen. Het licht bijvoorbeeld—overdag keihard en genadeloos. Schaduwen verdwijnen of worden juist messcherp. Het dwingt je om anders te kijken, creatiever te worden. En dan die contrasten. Ze zijn overal. Traditionele kleding zoals de kandura en abaya naast hypermoderne designeroutfits. Oude wijken zoals Al Fahidi, waar windtorens ooit voor verkoeling zorgden, tegenover het zakelijke hart vol glas en staal.

Architectuur in Dubai voelt als één groot experiment. Alles kan, en dus gebeurt het ook. De Burj Khalifa is natuurlijk het ultieme symbool van “hoger, groter, indrukwekkender,” maar ook plekken zoals de Palm Jumeirah en het Museum of the Future laten zien dat grenzen hier vooral suggesties zijn. Voor mijn lens betekent dat eindeloze mogelijkheden—lijnen, vormen, reflecties. Soms bijna te veel om te kiezen.

Maar wat Dubai echt interessant maakt, zijn de mensen. Ongeveer 90% van de bevolking bestaat uit expats. Je hoort er tientallen talen op een dag en ontmoet mensen uit alle hoeken van de wereld—India, Pakistan, de Filipijnen, Europa. Tegelijkertijd zijn er de Emirati’s, de oorspronkelijke bewoners, die hun tradities behouden maar ook volledig meebewegen met de moderne tijd. Opvallend is dat deze werelden vaak langs elkaar heen lijken te bestaan. Niet botsend, maar ook niet echt vermengend.

En misschien is dat wel precies wat Dubai zo intrigerend maakt. Het is een stad van tegenstellingen die naast elkaar blijven bestaan zonder elkaar volledig te raken. Oud en nieuw, lokaal en internationaal, traditie en toekomst.

Elke keer als ik er ben, vraag ik me af hoe Dubai er over tien jaar uit zal zien. Maar één ding weet ik zeker: het zal anders zijn dan nu. En waarschijnlijk nóg indrukwekkender. Het blijft dan ook op m’n bucketlist staan
Herman, april 2026